Het radicale einde van een dubbelleven

'Het radicale einde van een dubbelleven'

Arjan Baan: Hoe eerder satan ons geweten het zwijgen kan opleggen, hoe liever het hem is

Als hij de resultaten van het RD?onderzoek ”Jongeren en media” leest, gaan zijn gedachten terug naar zijn eigen jeugd. Ook Arjan Baan –30 jaar, vader van drie kinderen– heeft een tijd meegemaakt dat zijn hart uitging naar sport, popmuziek en vunzige bladen. Totdat God hem „krachtdadig” stilzette tijdens een werkstage in Amerika. Nu heeft hij nog maar één begeerte: het Evangelie verkondigen. Aan ouderen, maar vooral aan jongeren. „Als Christus je Leven is, dan kun je toch niet een hele avond achter de tv hangen of video’s kijken?”

Evert van Dijkhuizen

Hij noemt zichzelf radicaal. „Misschien wel eens een beetje te, maar dat is mijn aard.” Die aard komt niet alleen tot uiting in wat Arjan Baan zegt, ook in wat hij doet. Drie jaar geleden zette hij radicaal een punt achter zijn baan bij een grote uitzendorganisatie. „Ik zat in het managementteam van Creyf’s Interim. Een functie waarin het alleen maar ging om business. Op een gegeven moment was ik lichamelijk uitgeteld. Ik kón niet meer en kwam ziek thuis te zitten. Ik worstelde met de vraag wat God met mijn leven wilde. Op een morgen werd ik wakker met een tekst die mij helder voor de geest kwam. Matthéüs 4:20: „Zij dan, terstond de netten verlatende, zijn Hem nagevolgd.” Dat was in januari 2001. Ik zag toen duidelijk dat ik, net als die vissers in Galilea, heel druk was met aardse zaken. Omzet, omzet, omzet, daar ging het alleen om. Ik heb toen radicaal mijn baan opgezegd. Daardoor kon ik mij volledig gaan wijden aan de studie theologie aan de Universiteit Utrecht, waar ik parttime mee was begonnen.”
Inmiddels is Baan, die in Nieuw?Lekkerland woont, vierdejaars. Naast zijn studie geeft hij catechisatie in de hervormde gemeente van Opheusden. Het contact met jongeren boeit hem, maar hun leefwijze baart hem tegelijk grote zorgen. „Het gaat fout, écht fout met de jeugd in onze gezindte. Natuurlijk zijn er veel positieve uitzonderingen, maar wat ik hoor en zie op catechisatie liegt er niet om. Veel jongeren leven in twee werelden. De wereld van zondag, de kerk, de catechisatie, de jeugdvereniging, én de wereld van hun vrije tijd. Daar zit helaas een groot verschil tussen. De resultaten van het RD?onderzoek laten zien dat veel jongeren verder weg zijn dan hun ouders weten.”

Baan heeft geen behoefte erboven te gaan staan en met een bestraffende vinger naar de jongeren te wijzen. Hij is zijn eigen jeugd nog niet vergeten. „Ik kom uit een eenvoudig gezin met negen kinderen en ben op het platteland opgegroeid. Een echte polderjongen. Toen ik ging studeren aan de hogere landbouwschool in Dronten begon mijn dubbelleven. Ik luisterde op mijn kamer naar popmuziek. Ik had zelf geen televisie, maar ging wel bij medestudenten kijken, vooral voetbal. Ik ging met vrienden naar de disco. En als ik het weekend thuis was, ging ik ook nog naar de kerk. Dat is een aantal jaren zo gegaan.”
Zo’n wilde periode heeft ontegenzeggelijk invloed op iemands verdere leven, aldus Baan. „We hebben zeven gaten in ons hoofd: twee oren, twee ogen, een mond en twee neusgaten. Als we bedorven voedsel eten, geven we over; het komt er vanzelf weer uit. Snuiven we een prikkelende geur op, dan moeten we niezen. Maar wat via onze ogen en oren naar binnen gaat, komt er niet meer uit. Dat blijft hangen in onze gedachten, in onze dromen, in ons onderbewuste. Dat komt elke keer terug. Neem een naakte vrouw op een billboard. Als je zo’n afbeelding hebt gezien, raak je die niet meer kwijt. Door de zondeval werken de filters van onze ogen en oren nauwelijks meer. We zuigen alles maar op, totdat de harde schijf in ons hoofd een keer vastloopt. Dan kom je in conflict met jezelf.”
Ook dat maakte Baan mee. „Ik ging met studievrienden voor een werkstage naar Amerika. We hadden een camper gehuurd om het land door te trekken. Van tevoren spraken we af: We rijden niet op zondag. Toen we er eenmaal waren, deden we het toch. Het was het begin van een hellend vlak. Op den duur stonden we ’s zondags op de waterski’s. We luisterden urenlang naar popmuziek en door de camper slingerden vunzige bladen. Ik deed volop mee, toch knaagde het allemaal aan m’n geweten. Ik realiseerde me: Als ik nú moet sterven, dan ben ik voor eeuwig verloren. Ik was in die tijd niet zo’n held met vliegen. Ik dacht: Straks moet ik naar huis en dan stort mijn vliegtuig neer.”

Arjan Baan: "Hoe eerder satan ons geweten het zwijgen kan opleggen, hoe liever het hem is"

De laatste vier dagen van het verblijf in Amerika zonderde Baan zich af van zijn vrienden. „Ik kón niet meer meedoen. Ik ben gaan bijbellezen, bidden. Het moment dat ik Romeinen 10 las, zal ik nooit meer vergeten. „Want een iegelijk die de Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Die tekst schoot naar binnen. Er kwam een wonderlijke vrede in mijn hart. God was in mijn leven gekomen. Ik wist het op dat moment zó helder. Later is dat allemaal weer bestreden.”
Aan het eind van de dag kwamen Baans studievrienden terug. „Ik vertelde hun wat ik had ervaren. Ze moesten er een beetje om lachen. „Baantje heeft een vieze?oen gezien”, zeiden ze. Ik heb dat nog vaak moeten horen.”
Na zijn „krachtdadige bekering” bleef Baan „veel strijd” houden. „Ik hield nog steeds van voetbal en worstelde met seksuele begeerten. Ik vroeg me af: Hoe kan dat als je een kind van God bent? Jaren heb ik daarmee geworsteld. Ik leefde in geestelijke duisternis. Totdat de Heere licht gaf vanuit Romeinen 6. Daar schrijft Paulus over de strijd tussen de oude en de nieuwe mens. Ik mocht door het geloof zien dat er een kruis door mijn oude leven was gegaan.
Niet dat ik een heilige werd; de oude mens blijft zondigen. Toch is reiniging mogelijk. Dat heb ik persoonlijk mogen ervaren. Zie 1 Johannes 1:9: „Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.” Ik ben toen voor het eerst in mijn leven concrete zonden voor de Heere gaan belijden. Heel persoonlijk gaan uitspreken voor God. Dat helpt. Als ik voorheen een benzinepomp binnenliep, móést ik kijken naar smerige bladen. Nu niet meer. De begeerte is er niet meer. Het seksuele is voor mij altijd een groot probleem geweest, tot in het begin van mijn huwelijk toe. Maar ik heb ervaren dat de Heere je van verkeerde begeerten kan reinigen. Paulus schrijft daar over, vooral in de Romeinenbrief.”

Veel steun had Baan aan een boekje van Edward Fischer, ”Het merg van het Evangelie”. „God rechtvaardigt de goddeloze, niet de nette kerkmens. Dat was een bevrijding voor me.” Die „bijbelse kerngedachte” geeft Baan ook de vrijmoedigheid om te evangeliseren op straat en jongeren in refocafés op de man af te vragen wat ze daar zoeken. „De duivel probeert ons op allerlei manieren te beïnvloeden. Hij gaat om als een briesende leeuw, zeker nu. We leven in het laatste der dagen. Daarvan zegt Timótheüs dat er zware tijden zullen aanbreken. De satan heeft maar één begeerte: zo veel mogelijk mensen verslinden. Het liefst jongeren. Hoe eerder hij de stem van ons geweten het zwijgen kan opleggen, hoe liever het hem is.”

Veel christelijke jongeren leven in twee werelden, zegt u, maar hoe zit dat met hun ouders?
„ Die ook. Als ik met jongeren praat, dan valt me vaak op dat ze van hun opa en oma geloven dat die de vreze des Heeren kennen, maar van hun ouders niet. De huidige generatie ouders, ook in onze gezindte, is sterk beïnvloed door de mentaliteit van de jaren zestig. Een losse levensstijl, weliswaar in combinatie met een trouwe kerkgang. In hoeveel gezinnen wordt de vreze des Heeren nog praktisch voorgeleefd aan de kinderen? Kinderen prikken er feilloos doorheen dat hun ouders wel op zondag twee keer naar de kerk gaan, maar dat het christelijk geloof hen verder weinig zegt.”

Sommigen zeggen: Dat jongeren enige tijd een losbandig leven leiden, hoort er bij. Als ze verkering krijgen en trouwen, voegen ze zich meestal weer keurig in het gelid.
„ Ik vind dat een zielsvernietigende reactie. We lezen bijna dagelijks in de krant dat jongeren van 14, 15, 16 jaar verongelukken. Dan is het eeuwigheid voor ze! Hoe komt het toch dat veel jongeren in onze gezindte zo’n cesuur in hun leven meemaken; zo werelds leven als ze tussen de 15 en de 20 jaar zijn? Zou dat niet komen doordat de ouders zo weinig bidden met hun kinderen? We vinden dat moeilijk. Dan moeten we als grote mensen op de knieën en dan worden we letterlijk piepklein. Toch ligt daar een belangrijke oorzaak voor het gedrag van onze jongeren. Als ik zelf naar de disco was geweest en ik kwam thuis, dan had mijn moeder tranen in haar ogen. Dat verbrak mijn hart. Dan was mijn hele avond verknald.
Hebben onze jongeren zulke ouders? Ik vraag wel eens op catechisatie: Ken je iemand die bekeerd is? Vaak is het antwoord nee. Maar er zijn toch avondmaalsgangers in jullie kerk? reageer ik dan. Over de een na de ander hebben ze iets op te merken. Die doet dit, die zegt dat. En is het ook niet zo dat veel avondmaalsgangers wereldgelijkvormig zijn? Wat gaat er van Gods kinderen uit? Daar ligt ook een stuk schuld.”

Is de jeugd van nu slechter dan die van vijftien jaar geleden?
„ Nee. We zijn allemaal van dezelfde lap gescheurd. We zijn allemaal God kwijt. Toch wil ik daar twee dingen aan toevoegen. We leven in de eindtijd; de satan gaat om als een briesende leeuw. Dat beseffen we onvoldoende. In de tweede plaats hebben jongeren tegenwoordig meer mogelijkheden om van het rechte spoor af te gaan. Computers, video’s, dvd’s, internet; het dringt zich allemaal aan de jongeren op. Satan vindt het prima. Als het maar druk is in ons hoofd, dan hebben we in ieder geval geen tijd om na te denken over de eeuwigheid. Het valt mij op dat ik steeds vaker jongeren ontmoet die demonisch bezet zijn. Ze roepen de vreselijkste ziektes en vloeken om de haverklap. Niet zelden luisteren zulke jongeren naar satanische muziek. Ik geloof dat ze daar rechtstreeks door beïnvloed worden.”


In welke richting moeten we de oplossing zoeken?
„ Ik zie maar één oplossing: We moeten eenparig onze schuld belijden voor God. Ondanks alles wat we op poten hebben gezet –eigen jeugdverenigingen, eigen scholen, eigen jongerenavonden– dreigen we onze jongeren te verliezen. We redden het niet met conferenties en boeken over opvoeding. De diepste oorzaak is dat de reformatorische kerken in een crisis verkeren. Ze hebben allemaal hun eigen identiteitsprobleem. De Hervormde Kerk worstelt met Samen op Weg, de Christelijke Gereformeerde Kerken discussiëren over schriftkritiek en vrouwelijke ambtsdragers, de Gereformeerde Gemeenten worden achtervolgd door kritische boeken van Blaauwendraad, ds. Harinck en Van der Zwaag. We zijn als kerken sterk bezig met onze eigen problemen, maar beseffen we nog dat het gaat om het behoud van zielen voor de eeuwigheid? Ik was laatst een dag op de Haamstede?conferentie. Heel mooi, prachtige lezingen, maar allemaal over tamelijk dogmatische onderwerpen. Niet over de vraag: Hoe houden we onze jongeren bij de kerk en hoe gaan we om met hun grote geestelijke nood?”


„ Hoe komt het dat Gods Woord zo weinig beslag legt op de mensen in het algemeen en jongeren in het bijzonder? Omdat de zonden niet meer concreet worden genoemd. We spreken nog wel over de zonde tegen het zevende gebod, maar dat is te algemeen. Maak het concreet: Bezoekt u ook pornosites op internet? Luister jij ook naar de helse muziek van Radio 538? Er wordt zo weinig gepreekt dat de Heere van ons eist als christen radicaal te leven. Tachtig procent van de preken gaat over de eerste beginselen: het komen tot Christus. Waar blijft de levensheiliging?

Paulus preekte daar wel over. Vlied de hoererij; word de wereld niet gelijkvormig. Paulus is scherp en duidelijk over de levensheiliging. Vertaald naar onze tijd: Doe die stomme tv de deur uit. De televisie zal toch geen oorzaak zijn dat we verloren gaan! Doe de kliko open en gooi die goddeloze cd’s er in. Zie op Christus, wat het Hem heeft gekost om te betalen voor onze zonden. Zijn leven! Zullen we dan nog een hele avond tv, video’s en dvd’s kijken? Of smerige sites op internet bezoeken? Of naar goddeloze muziek luisteren?
We zijn als reformatorische christenen grensbewoners geworden. We vragen ons voortdurend af: Hoe ver kunnen we meegaan met de wereld? Hoeveel haren kan ik uit een paardenstaart trekken wil het nog een paardenstaart zijn? Dat is onbijbels. De Bijbel spreekt radicaal. Ruk uw oog uit, hak uw hand af, als die u verhinderen het koninkrijk van God in te gaan. Voor mij persoonlijk betekent dit dat ik niet meer met mijn gezin op vakantie ga naar een huisje met televisie. Ik ken mezelf; kan mezelf niet in de hand houden.”

Hebt u concrete adviezen aan ouders én jongeren voor een verantwoord, christelijk leven?
„ Allereerst: bekering! Geloof in Christus! Alleen een levende relatie met God behoedt voor de zonden. Als we als kerkmens niet in Christus zijn, dan zijn we net zo erg als de grootste pornoverslaafde in de wereld.
Als ouders moeten we meer tijd investeren in onze kinderen. Kinderen willen aandacht, willen geholpen en begeleid worden. Ga als ouder eens naast je kind zitten als het een boek leest, computert of internet. Kijk en luister mee. Waarschuw niet alleen, maar verdiep je er ook in en vraag eens wat informatie over een video, een computerspel, een schrijver of een zanger.
Als een kind is uitgegleden, zorg dan dat er ruimte is om erover te praten; om het eerlijk te bekennen. Dan is er ook ruimte voor vergeving. Vertrouw je kinderen niet, vertrouw ook jezelf niet. We hebben allemaal een slecht hart en liggen open voor het kwaad. Vraag jezelf af bij alles wat je doet, ziet en luistert: Brengt het mij dichter bij God of juist verder bij Hem vandaan? Word radicaal. Ik hoor wel eens dat onze jongeren de film over de Dikke en de Dunne zo leuk vinden. Maar hoe kunnen we gaan zitten lachen om die twee als we nooit gehoord hebben dat ze tot bekering zijn gekomen?
Neem een gefilterd internet en geen tv. „Ja maar, er komen ook goede dingen op tv.” Dat is waar. Maar vergelijk de tv met een kist appels. De meeste appels zijn rot, een paar goed. Zo’n kist koop je toch niet?”

Kweekt zo’n oproep geen wereldvreemde mensen?
„ Ik pleit niet voor oogklepchristenen, maar ik vind het niet erg in dit opzicht een beetje naïef te zijn. Een geheiligd leven kan alleen als we een dagelijkse omgang met de Heere Jezus hebben. Dan laten we de zonden niet omdat het moet, maar omdat we het willen. En laten we nooit vergeten: het is Gods Geest die harten vernieuwt.”

Voor reacties of op- en aanmerkingen kunt u mailen naar: a.baan@filternet.nl of bellen naar: 0184-422448.

Bron: Reformatorisch Dagblad – 10 okt. 2003 – bijlage ‘Mensen’

Bron: Reformatorisch Dagblad

Activiteitenkalender

Webshop

Geestelijk leiderschap
Staande blijven temidden van de grote afval
Glinsteringen van genade
De Godvrezende man

Nieuws

Op de hoogte blijven van HeartCry?
Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.