Interview over refo-jongeren en seksualiteit

Een uitgepakt cadeau

Arjan Baan: „Heel vaak zie je dat in een verkering alles om de lichamelijke pijler draait”

Geslachtsgemeenschap voor het huwelijk moet kunnen. Wat de Bijbel over seksualiteit zegt, is in de 21e eeuw niet meer relevant. De resultaten van een enquête over seksualiteit onder reformatorische jongeren spreken duidelijke taal. Arjan Baan:„De duivel heeft twee vurige pijlen waarmee hij de gereformeerde gezindte bestookt: materialisme en seksuele verwording.”

Tekst: Huib de Vries
Foto’s: Anton Dommerholt

Niemand hoeft Arjan Baan te vertellen hoe groot de macht van seksuele verleiding is. Dat weet hij uit ervaring. In zijn studententijd werd hij geconfronteerd met vunzige bladen. In het uitgaansleven had hij te maken met allerlei erotische begeerten. Tot God in zijn leven kwam en hem krachtdadig stilzette. Waarna hij ontdekte dat de Heere niet alleen de zonde wil vergeven, maar dat Hij ook onreine begeerten kan wegnemen.

Tien jaar later bereidt de voormalige manager van een uitzendorganisatie zich voor op het predikantschap. En probeert hij jongeren te bereiken met het Evangelie, onder meer via de Stichting Reformatorisch Appel, waarvan hij zowel initiatiefnemer als voorzitter is. Kenmerk van de hervormde theologiestudent is, dat hij zonder omwegen op zijn doel afgaat. Niet alleen wanneer hij een serieuze groep voor zich heeft, maar ook in de ontmoeting met het publiek van refo-café’s.

Door de intensieve omgang met reformatorische jongeren was voor Baan al lang duidelijk dat er op het terrein van de seksualiteit het nodige loos is binnen de gereformeerde gezindte. Dat beeld werd bevestigd na een interview in het Reformatorisch Dagblad, waarin hij iets aangaf van zijn eigen worsteling op dit terrein, voor de grote ommekeer in zijn leven. „Sommige jongeren vertelden me dat ze hopeloos verslaafd zijn aan pornografie. Een meisje liet weten dat ze had ontdekt dat haar aanstaande schoonvader, kerkenraadslid in een afgescheiden gemeente, gore sites bekijkt. Een predikant bedankte me voor het verhaal, omdat hij wist dat meerdere collega’s met hetzelfde probleem worstelen. Een jongen vertelde me dat hij op de eerste avond van zijn verkering al met zijn meisje naar bed was gegaan.”

Enquête
De indruk dat de verwording op seksueel gebied veel groter is dan door de meeste ouders en predikanten in reformatorische kring wordt verondersteld, werd bevestigd door een anonieme enquête die Baan hield onder een bepaalde groep behoudende jongeren in de gereformeerde gezindte. Dertig procent gaf aan geslachtsgemeenschap te hebben gehad, het merendeel vond dat dat ook moest kunnen. Een kwart van de jongens bleek wel eens pornosite’s te bekijken.

Hoewel hij weet wat er in zijn achterban speelt, waren de uitslagen voor de theologische kandidaat uit Nieuw Lekkerland toch schokkend. „Ik heb de enquête gehouden onder een groep jongeren, waarvan ik weet dat ze een bijbels evenwichtige prediking te horen krijgen. Je hoopt dan dat het daar anders zal zijn dan in de wereld. Dat bleek helaas niet het geval. Mijn vijfde stelling luidde: ‘We leven in de 21e eeuw. Wat de Bijbel zegt over seksualiteit is niet meer relevant’. Driekwart was het daarmee eens.”
De enquête diende als voorbereiding voor een later te houden catecheseavond over het zevende gebod. Tijdens deze avond bleek dat de uitslag een getrouw beeld van de realiteit gaf. „Slechts bij een enkeling voelde je de worsteling: ‘Ik wil in mijn verkeringstijd een rein leven leiden’. Een op de drie stelletjes heeft gewoon geslachtsgemeenschap met elkaar, onder de resterende groep is het bijna gemeengoed dat men elkaar seksueel bevredigt.

We moeten het verleden niet verheerlijken, toen werd er ook heel wat geëxperimenteerd. Toch zie ik wel een verschuiving. Persoonlijk zat het bij mij diep ingeprent dat met een meisje naar bed gaan niet aan de orde is. Deze gedachte is bij veel jongens en meisjes niet meer aanwezig, tot in de meest behoudende kerkelijke kringen. Het komt zelfs voor dat meisjes op advies van hun moeder de pil gaan slikken, om zwangerschap te voorkomen.”


Seksualisering
De kenner van de reformatorische jongerenwereld verklaart de ontwikkeling uit de totale seksualisering van de samenleving, die niemand onbeïnvloed laat. Tegelijk rust bij velen van de oudere generatie nog steeds een taboe op het onderwerp. Tekenend was voor Baan dat de helft van de ouders niet openlijk met de jongeren over seksualiteit blijkt te spreken. „Een moeder vertelde me dat ze al meerdere keren smerige boekjes in de slaapkamer van haar zoon heeft gevonden. Alle keren heeft ze die in de kliko gegooid, maar zonder er verder over te praten. Mensen weten blijkbaar niet hoe ze dat moeten aanpakken. Hier ligt een taak voor de kerk richting de ouders. Vanuit de kerken zou veel meer praktischer onderwijs gegeven moet worden, bijvoorbeeld via gesprekskringen voor gehuwden.
Met mijn groep catechisanten heb ik onder meer Leviticus 16 gelezen. Daar zie je een joodse man die tegen zoonlief zegt: ‘Jongen, je komt nu in de puberteit en dat betekent dat je ’s nachts te maken kunt krijgen met een zaadlozing. Zolang je er geen onreine gedachten bij hebt, hoef je daar niet problematisch over te doen. Trek gewoon je kleren uit en verschoon je beddengoed, ma zal ze wel wassen, en ga weer lekker slapen.’ Voor veel catechisanten was dat een verassende ontdekking.
‘Staat dat zo concreet in de Bijbel?’
‘Ja, dat staat in de Bijbel.’
Die vrome jood ging heel ontspannen maar ook bewust met het onderwerp om. Dat hoorde toen blijkbaar bij de opvoeding.” Datzelfde is volgens Arjan Baan ook vandaag broodnodig. Niet de kerk of het onderwijs, maar de ouders zelf zijn in de eerste plaats verantwoordelijk om met hun kinderen daarover te spreken. Wijsheid en voorzichtigheid is wel geboden. Het gaat immers om een teer onderwerp. Met de catechisatiegroep besprak hij de betekenis van verkering, door hem getypeerd als ‘de bouwplaats waarop het fundament van een huwelijk wordt gebouwd’. „Er zijn vier pijlers: de geestelijke, de emotionele, de lichamelijke en de sociale pijler. Ofwel de gemeenschap met de Heere God, het communiceren met elkaar, de lichamelijke aantrekkingskracht en de vriendschappen die je als stel met anderen hebt. Heel vaak zie je dat het alleen om de lichamelijke pijler draait, waardoor uiteindelijk een gat in de fundering van de relatie valt. De kans is dan groot dat op termijn het hele huis instort.”

Tempel
Met grote zorg volgt de aankomende predikant de snelle acceptatie van televisie, video, dvd en met name open internet in de gereformeerde gezindte. „‘Hét modebegrip is momenteel ‘begeleide confrontatie’. Het dringt ook onze kringen binnen. Dat vind ik geen positieve ontwikkeling. Laten we eens wat radicaler zijn en meer afstand houden van bepaalde zaken. Een tv moet je niet in huis wìllen hebben, net zomin als open internet. Ik hoef m’n hoofd niet in de vuilnisbak te steken, om te weten dat afval stinkt. Waarom praktiseren wij als christenen niet veel meer het ‘Gij geheel anders’ ? Achter het idee van begeleide confrontatie gaat vaak een veel te optimistisch mensbeeld schuil.”
De praktijk bevestigt Baan in de overtuiging dat de geestelijke afstomping snel doorzet. De stelling ‘Seks op de televisie moet kunnen’ werd door een fors deel van de jongeren met ‘ja’ beantwoord. „Een programma als ‘Goede tijden, slechte meiden’, zoals Johan Vreugdenhil het noemt, is breed aanvaard. Mijn stelling dat het afbeelden van naakte vrouwen in reclames vernederend is voor vrouwen, wekte grote verbazing. ‘Dat slaat nergens op, meneer.’ Slechts een enkeling dacht daar anders over.”

Aangrijpend was voor Baan de ontdekking dat de bijbelse visie op het lichaam vrijwel totaal ontbreekt. „De stelling ‘Ik ervaar mijn lichaam als een tempel van de Heilige Geest’ werd door nagenoeg niemand bevestigend beantwoord. Ik heb met die jongeren 1 Korinthe 6 gelezen, waar de Bijbel zo over het lichaam spreekt. Er waren in het leger van Israël heel veel tenten waar werd gegeten, gedronken en gelachen, maar er was één tent die je met diepe eerbied moest benaderen. Met heilig ontzag voor God. De tent der samenkomst. Daar wilde God in wonen. En nu te beseffen dat God bij de wedergeboorte door zijn Heilige Geest in ons lichaam komt wonen, en dat lichaam tot Zijn tempel maakt. Wat zou er daarom een diepe eerbied in ons leven behoren te zijn. Helaas is dat besef zelfs bij veel kinderen van God niet aanwezig.”

Praktisch advies
De vraag hoe de verkering moet worden ingevuld, valt volgens Baan niet tot op de punt en komma te beantwoorden. „Duidelijk is in ieder geval dat de Bijbel twee uiterste grenzen trekt. De eerste grens is dat je geen verhouding moet aangaan met een ongelovige. De verkeringstijd is geen evangelisatieproject, daar is Paulus heel helder in. Toch werd de stelling ‘Trouwen met een niet-christen moet kunnen’ door bijna alle jongeren onderschreven.

De tweede uiterste grens is geslachtsgemeenschap. Die hoort binnen het huwelijk thuis. Een meisje dat in de huwelijksnacht geen maagd bleek te zijn, moest volgens Deuteronomium 22 in Israël gestenigd worden. Vervolgens kom je bij de vraag: Hoe zit het met de periode voor het huwelijk? Er zit nog wel wat ruimte tussen een eerste zoen en met elkaar naar bed gaan. Mijn eerste praktische advies is altijd: Begin niet te vroeg aan verkering, en maak die ook niet te lang. Het moet een overzienbare termijn zijn, anders houd je het niet vol om rein je huwelijk in te gaan. Ook het elkaar bevredigen is mijns inziens zonde. De verkeringstijd wordt te veel gezien als een seksuele ontdekkingsreis, ten koste van de andere aspecten: het geestelijke, het emotionele en het sociale aspect. Heel belangrijk is dat je als jongen en meisje open over dit onderwerp met elkaar spreekt, dat je duidelijke afspraken maakt en dat je de gezamenlijke worsteling ook samen in het gebed bij de Heere brengt.”
Opvallend was voor Baan dat alle jongens aangaven het pijnlijk te vinden als ze van hun vriendin horen dat ze geen maagd meer is. „Zelfs onder jongeren die zo vrij over seksualiteit denken, leeft blijkbaar nog het besef dat een vrouw voor één man bestemd is. Het doet pijn als je ontdekt dat het cadeau voor de huwelijksnacht al door een ander is uitgepakt. Het omgekeerde kan overigens ook. Ik werd gebeld door een jongen die in zijn eertijds verslaafd was aan pornografie. Nu heeft hij verkering met een meisje dat een heel teer geweten heeft. Hij heeft haar eerlijk verteld wat hij vroeger allemaal heeft gedaan en bekeken. Dat was voor dat meisje een geweldige schok. Ze houdt veel van die jongen en tegelijk is het voor haar onverdraagbaar dat zij niet de eerste is die hij naakt zal zien.”

Evangelie
Met verbazing nam Baan kennis van de reactie op de stelling: ‘Een dominee mag bij het huwelijksgesprek vragen of we met elkaar naar bed zijn geweest’. „Het grootste gedeelte van de jeugd vindt dat geen probleem. Maar ze zijn het pertinent oneens met de stelling dat je schuldbelijdenis moet doen als je geslachtsgemeenschap hebt gehad in de verkeringstijd.

Veel predikanten omzeilen het probleem, door in het huwelijksgesprek heel algemeen te vragen: ‘We mogen er toch wel van uitgaan dan jullie rein het huwelijk ingaan?’ Het moet op een tere manier gevraagd worden, maar zo vaag moet het volgens mij niet. Aan de andere kant moeten mensen niet het gevoel krijgen dat de pastorie een plek is waar je hoofd wordt afgehakt. In tegendeel, het is een plaats om gezamenlijk op de knieën te gaan en samen schuld te belijden. Als dominee moet je het toch ook hebben van de genade van God?”

De theologiestudent weet uit eigen ervaring dat in deze weg van concreet voor de Heere je zonden belijden overwinning over onreine seksuele begeerten mogelijk is. „Waarbij ik me heel goed realiseer dat de Bijbel ook vermaant: ‘Wie meent te staan, ziet toe dat hij niet valle’.”

Het grootste probleem bij de zonde tegen het zevende gebod is voor Baan, dat die zo vaak verkeerd wordt bestreden. „Er wordt tegen de jongeren, die in zonde zijn gevallen dan als oplossing gezegd: ‘Niet meer doen en dat wat gebeurd is vergeten’. Zo spreekt het Evangelie niet. De schuld moet niet vergeten, maar concreet beleden worden. Tegenover God en tegenover elkaar. In die weg wil de Heere de schuld vergeven, en Zijn opstandingskracht laten ervaren om staande te blijven tegen de verleiding en de zonde.
Als je het probleem vanuit de wet denkt op te kunnen lossen, kom je bedrogen uit. Toegeven aan seksuele verleiding is zo’n verlokkelijke zonde, met name voor een man. Er is meer nodig dan “het mag niet, omdat God het gebiedt”. De duivel heeft twee vurige pijlen waarmee hij de gereformeerde gezindte bestookt: materialisme en seksuele verwording. Wie in eigen kracht strijdt, redt het niet. Nodig is dat we met een geloofsoog zien wat onze zonde Christus heeft gekost, en dat we de kracht van Zijn overwinning mogen kennen. Alleen daarin ligt ook voor ons de overwinning.”

Wil je persoonlijk over dit onderwerp doorspreken, omdat je ook worstelt met seksualiteit? Durf je er met niemand over te spreken? Mail dan naar: nazorg@heartcry.nl Als je mailt dan zal het vertrouwelijk blijven!

Bron: Terdege - Internview met jongeren over seks

Activiteitenkalender

Webshop

Stel niet uit tot morgen!
Het verhaal van Jim Eliott
De roepstem van het Evangelie & de ware bekering
DVD Het verhaal van Maarten Luther

Nieuws

Op de hoogte blijven van HeartCry?
Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.