Loochenen schepping is aanval op Woord van God

DEN DOLDER – Het loochenen van de schepping van zes dagen van 24 uur door “vooraanstaande medegelovigen” (lees Andries Knevel e.a. – red.) is niets anders dan een aanval op het geopenbaarde Woord van God. En dat doet pijn. Dat schrijft ds. Maarten Ezinga van de baptistengemeente in Doorn aan zijn gemeenteleden in een speciale bijbelstudie. De bijbelgetrouwe ds. Ezinga is een bekende spreker op de jongerenavonden van de Stichting JijDaar. De redactie van Refoweb heeft toestemming gevraagd om deze bijbelstudie in z’n geheel te mogen publiceren.

De uitleg van de ontstaansgeschiedenis van hemel en aarde, zoals in Gen 1-3 verwoord, blijft de gemoederen dusdanig verhitten dat christenen in de media fel tegenover elkaar staan. Er wordt over en weer met modder gegooid wat het getuigenis van de Heere en Zijn Gemeente geen goed doet, integendeel.

De discussie in de media is aangezwengeld door vooraanstaande gelovigen die zich geroepen voelen om hun geloof in een schepping van zes dagen van vierentwintig uur te moeten loochenen in dit Darwin-jaar. Als consequentie houden zij er ernstig rekening mee dat de mens is ontstaan uit een - weliswaar door de Heere aangestuurd - miljarden jaren durend evolutieproces. Volgens de aanhangers van deze leer behoort Genesis 1-3 geharmoniseerd te worden met de wetenschap, in plaats van de wetenschap te harmoniseren met de heilige Schrift.

Zelf, en velen met mij, zien hierin een directe aanval op het geopenbaarde Woord der waarheid en dat doet pijn. Te meer, omdat dit van broeders komt van wie wij houden. Wij hebben hier oprecht verdriet over. Ons gebed om ontferming over en bescherming van de gemeente alsmede om een verandering van denken bij desbetreffende broeders, stijgt op tot de Heere. De belangrijke eenvoudige geloofsleer aangaande de ontstaansgeschiedenis van de hemel en de aarde wordt losgelaten en ingeruild voor de op dit moment geldende wetenschapsleer, wat m.i. een heilloze weg is.

Van meet af aan heeft de boze twijfel gezaaid over het letterlijk nemen van Gods Woord. In Genesis 3 zaait Hij eerst twijfel over wat de Heere gezegd heeft met de vraag: “God heeft zeker wel gezegd” en verdraait dan de woorden van de Heere. Om korte tijd daarna het Woord van de Heere te loochenen met de bewering: “Gij zult geenszins sterven”, terwijl de Heere had gezegd dat ze wel zouden sterven. En dat is ook wat er gebeurd is (Gen. 2:17, 3:1-5). Elke aanval op het Woord van God komt ten diepste van de vader der leugen, de satan.

Een vriend van mij schreef in reactie op deze Bijbelstudie: ”Ten diepste ervaar ik deze schriftkritiek (zoals in alle vormen van schriftkritiek) als uitingen van de hoogmoedige mens die meent zijn Schepper in alles te moeten/kunnen narekenen. Ik sluit mij liever aan bij wat Paulus schrijft: “O diepte van rijkdom, van wijsheid en van kennis Gods hoe ondoorgrondelijk zijn Zijn beschikkingen en hoe onnaspeurlijk zijn wegen!’’( Rom.11:33)

Wij geloven met de samenstellers van de verklaring van Chicago (over o.m. de onfeilbaarheid en de interpretatie van de Bijbel) in de letterlijke inspiratie en letterlijke interpretatie van de heilige Schrift. Punt 4 en 5 uit de samenvattende verklaring van dit document zegt: ”Aangezien de Schrift geheel en woordelijk van God gegeven is, is zij zonder dwaling of fout in al haar onderwijs, niet minder in wat zij verklaart aangaande Gods handelen in de schepping, aangaande de gebeurtenissen van de wereldgeschiedenis en aangaande haar eigen literaire oorsprong onder Gods toezicht, dan in haar getuigenis aangaande Gods reddende genade in individuele levens.”

Het gezag van de Schrift word onontkoombaar aangetast als deze volledige Goddelijke onfeilbaarheid wordt beperkt, veronachtzaamd, of afhankelijk wordt gemaakt van een waarheidsvisie die tegengesteld is aan die van de Bijbel zelf. Zulke vergissingen brengen ernstig nadeel met zich mee, zowel voor de enkeling als voor de Kerk.

In Genesis 1-3 is de profeet Mozes is aan het woord. De Bijbel zegt: “En de Heere sprak met Mozes van aangezicht tot aangezicht, zoals iemand spreekt met zijn vriend.” (Gen 33:11) En even later: “Zoals Mozes, die de Heere gekend heeft van aangezicht tot aangezicht, is er in Israël geen profeet meer opgestaan.” (Gen 34:10).

Ernst Aebi citeert Prof. Bettex in korte inleiding tot de Bijbelboeken : “Genesis is geen sage of mythe, en ook niet het literaire geschiedenisverhaal van een oud volk. Een man als Mozes, die van aangezicht tot aangezicht sprak met de Heere, vertelt geen oude sagen over de schepping. Hij zat aan de bron en hoefde maar te vragen. Zou God, die aan Zijn volk en aan het Christendom Mozes’ woord wilde schenken voor duizenden jaren nadien, hem niet hebben onderwezen over de aanvang van de mensheid… het eerste hoofdstuk van de Bijbel klinkt als het verslag van iemand die het mocht zien - en het dan weergeeft in enkele woorden: groots, als een uitgehouwen monument in weerbarstige taal”.

Ook de Heere Jezus zegt dat Mozes de schrijver is, zie Lucas 24:27 en Johannes 5:46:47. Sterker nog: Hij geloofde dat Mozes door de Heere werd geïnspireerd, zodat Mozes’ woorden in werkelijkheid de woorden van God zijn. En daar mag je, zoals we weten, niet aan toe of aan afdoen (vgl. Deut.4:2, 12:32 en ook Spr. 30:6). Paulus schrijft: “Dit, broeders, heb ik op mijzelf en Apollos overgebracht om uwentwil, opdat gij uit ons (voorbeeld) zoudt leren niet te gaan boven het geen geschreven staat, opdat niemand uwer zich voor de een en tegen de ander opblaze.” (1Kor. 4:6) Hoe ontdekkend!!

Moet u eens lezen wat de Heere Jezus in Matt.19:4-5 over de tekst uit Genesis zegt: “Hebt u niet gelezen dat de Schepper hen van de beginne als man en vrouw heeft gemaakt!!” Lees aandachtig wat er staat: Jezus zegt dat Gen.1-3 Gods woord is en dat Adam en Eva vanaf het vroegste begin als man en vrouw zijn geschapen!!! Het begon dus niet met een levende cel waaruit al het andere leven is voortgekomen. Nee, er staat dat de Heere hen meteen vanaf het allereerste begin als (volwassen) man en vrouw geschapen heeft.

Zo’n zelfde scheppingswonder zien we in het Nieuwe Testament, namelijk in Johannes 2 waar de Heere Jezus - die Zelf de Schepper van hemel en aarde is (zie Joh. 1:1-2, Kol. 1:15-17, Hebr. 1:1-2) door een Goddelijk machtswoord van het ene op het andere moment water in gerijpte wijn verandert. Bij wetenschappelijk onderzoek van deze wijn zou - onder gecontroleerde omstandigheden - keer op keer onweerlegbaar worden vastgesteld dat deze wijn gedurende lange tijd is gerijpt. Het is wetenschappelijk onmogelijk, dat deze wijn nog geen dag oud is! Echter, door het geloof weten wij beter: de Heere, de Almachtige, heeft gesproken!!
Mede uit 1 Tim. 2:13-14 blijkt dat ook Paulus, evenals de Heere Jezus, uitgaat van de letterlijke inspiratie en interpretatie van Genesis 1. Lees maar mee: “Want eerst is Adam geformeerd, en daarna Eva. En Adam heeft zich niet laten verleiden, maar de vrouw is door de verleiding in overtreding gevallen… !’’(vgl. 1 Kor. 11:8-9)

De psalmist jubelt: “Door het Woord van de Heere zijn de hemelen gemaakt, door de adem van Zijn mond al hun heer…” en, let nu goed op wat er volgt: “…Want Hij sprak en het was er, Hij gebood en het stond er” (Ps. 33:6,9). Hier wordt duidelijk uitgegaan van de historische en letterlijke betrouwbaarheid van Genesis 1. In deze tekst wordt de evolutietheorie volledig tegengesproken. De psalmist wijst op het feit dat de Hewre van het één op het andere moment geschapen heeft!! Want Hij sprak en het was er, namelijk onmiddellijk en Hij gebood en daar stond het. Het onmiddellijke karakter van de schepping mag ons dus niet ontgaan. Daarom dat de psalmist dit nogmaals herhaalt. De schepping vond dus niet plaats via de weg van de geleidelijkheid, de evolutie.

Het feit dat de Heere zijn scheppingswerken tot zevenmaal toe als tov, goed (zie vs. 4, 10, 12, 18, 21, 25, 31) beoordeelt, dient geen ander doel dan om duidelijk te maken dat er niets aan Zijn schepping ontbrak. Het was geen schepping in wording/ontwikkeling, maar een voltooide schepping. Het was geheel en al, zoals Hij bedoeld heeft. Het was kompleet, af, goed, dit in tegenstelling tot het niet tov zijn van Adam zonder Eva.

Daarbij wordt in de wordingsgeschiedenis van hemel en aarde er - bij herhaling - expliciet bij gezegd dat de Heere alles naar zijn aard heeft geschapen (Gen.1:11, 21, 24, 25). Elke soort is uniek door de Heere gemaakt. De bijna eindeloze verscheidenheid ( wat een verwijzing is naar de eindeloze Schepper) in de schepping heeft dus van meet af bestaan. Dit sluit uit, dat de ene soort uit de andere soort is voort gekomen.

Een belangrijk Bijbelgedeelte in deze discussie is Hebreeën 11:1-3. Wij lezen daar: “Het geloof is de zekerheid van de dingen die men hoopt en het bewijs van de dingen die men niet ziet.” Het gaat mij om de laatste zinsnede: het geloof is het bewijs van de dingen die men niet ziet. Dus ook niet onder gecontroleerde omstandigheden onder een ultramoderne microscoop in een laboratorium! Het gaat hier om dingen die niet onderworpen zijn aan de door de Heere ingestelde natuurwetten. Daarom dat het met het menselijk oog niet waarneembaar is en met het menselijke bevattingsvermogen niet begrepen kan worden. Het begrijpen is ons te wonderbaar, te verheven we kunnen er van nature niet bij!!

Het geloof is de gave van God, die ons in staat stelt om restloos op Zijn woord te vertrouwen. Ook al begrijpen wij er met ons menselijk verstand geen snars van, door het geloof weten wij dat het toch zo is. Vervolgens zegt Hebr. 11:3: “Door het geloof verstaan (weten) wij, dat de wereld door het woord Gods (hiermee refereert de schrijver onmiddellijk aan de tekst van Gen. 1) tot stand gebracht is, zodat het zichtbare niet ontstaan is uit het waarneembare”. Met andere woorden: de hele zichtbare/waarneembare schepping/natuur is uit het onwaarneembare voortgekomen, namelijk door het woord (Logos) Gods . Dat laat zich wetenschappelijk niet vastleggen. Het is ook niet natuurwetenschappelijk te bewijzen. Voor een kind van de Allerhoogste God hoeft dit ook niet. Immers, door het geloof zijn de ogen van ons hart opengegaan (dit geeft inzicht in een totaal andere dimensie), waardoor een schepping in zes dagen geen enkel probleem vormt.

Tot zes maal toe lezen wij in Gen.1: “Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de eerste dag.” Ook in de verzen 5, 8, 13, 19, 23, 31, zes keer in totaal!!!! Ook dit is een buitengewoon sterk argument voor de stelling dat wij met zes dagen van 24 uur van doen hebben. Hoe zouden wij dit anders kunnen lezen. Het is blijkbaar de bedoeling van de Heere dat wij (lezers) aan zes dagen van 24 uur denken.

De schrijver Josh McDowell zegt: “Wanneer het woord dag (Hebr. Yom ) wordt gebruik in combinatie met een getal, in dit geval het getal zes, duidt dit zonder uitzondering op een dag van 24 uur. Denk aan de 40 dagen die Mozes op de berg Sinai was, of aan de drie dagen die Jona in het ingewand van de grote vis doorbracht. Daar komt bij, dat Exodus 20: 9-11 (lezen!!) de zes dagen van de schepping als eenheden van 24 uur neemt. In het Oude Testament lezen we meer dan zevenhonderd keer het meervoud van Yom en wel telkens in de betekenis van 24 uur.
Ter illustratie enkele teksten uit de Pentateuch (de 5 boeken van Mozes):

“Toen God op de zevende dag het werk voltooit had, dat Hij gemaakt had, ruste Hij op de zevende dag van al het werk dat Hij gemaakt had.”(Gen.2:2)
“Want in zes dagen heeft de Heere de hemel en de aarde gemaakt en Hij ruste op de zevende dag.”(Ex. 20:11)
“Zes dagen zult gij uw werk doen, maar op de zevende dag zult gij rusten,…”(Ex. 23:12)
“Zes dagen mag men arbeiden, maar op de zevende dag zal er volledige sabbat zijn……. want in zes dagen heeft de Heere de hemel en de aarde gemaakt en op de zevende dag heeft Hij gerust.” (Ex.31:15-17)
“Zes dagen zult gij arbeiden, maar op de zevende dag zult gij rusten, ..” (Ex.34:21vv)
“Zes dagen zal werk verricht worden, maar op de zevende dag zal het voor u een heilige tijd zijn,…”(Ex.35:2)
“Zes dagen mag arbeid verricht worden, maar op de zevende dag zal er een volkomen sabbat zijn,…..”(Lev.23:3)
“Zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen, maar de zevende dag is de sabbat van de Heere uw God;…”(Deut. 5:12-14)
“Want Hij heeft ergens van de zevende dag aldus gesproken: En God ruste op de zevende dag van al zijn weken;…”(Hebr. 4:4)
Het mag duidelijk zijn waar ik sta! Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, die de hemel en de aarde in zes dagen heeft geschapen. Dat is wat er staat en dat lezen wij tot zes maal toe in Gen.1: “Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de eerste dag.”(vergl. vs.5, 8, 13, 19, 23, 31) Ook dit is een buitengewoon sterk argument voor de stelling dat wij met dagen van 24 uur van doen hebben. Dit is sinds het begin van de schepping niet veranderd.

‘’Gij, onze Heere en God, zijn waardig te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de macht; want Gij Hebt alles geschapen, en om uw wil was het en werd het geschapen.’’( Openb.4:11)

Ds. Maarten Ezinga
Den Dolder

Bron: Refoweb.nl

Activiteitenkalender

Webshop

Hoe kan ik God vinden?
Laten we bidden!
Basislessen Geestelijke Groei
DVD Het verhaal van Maarten Luther

Nieuws

Op de hoogte blijven van HeartCry?
Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.